Traditionele rolpatronen in kinderboeken

Wat bedoelen we, wanneer we het hebben over traditionele rolpatronen? Wat komt er in kinderboeken naar voren? En wat zijn de ontwikkelingen hierin?

aan tafel 1
Robert Piers, ‘Kijk op de klok’ (Omnium, 1975)
aan tafel 2
Jochem Meyers, ‘De gorgels’ (Leopold, 2015)

 

 

 

 

 

 

 

Aantal vrouwelijke en mannelijke hoofdpersonen
De hoofdpersoon in kinderboeken is vaker een jongen of man (of een mannelijk dier) dan een meisje of vrouw. Het aantal mannelijke hoofdpersonen in verhouding tot vrouwelijke is veel kleiner geworden dan in de jaren zeventig, maar bestaat nog steeds, ook in Nederlandstalige boeken.

 

aantal 1

 

De situatie in 1972 (bron: Leonore Weitzman, 1972)

 

 

aantal 2

De situatie in 2006 – 2013 (bron: Hoorens, 2006Haket, 2015)

Hoofdpersonen zijn meestal mensen of dieren. Veel minder vaak is een object de hoofdpersoon. Als dat wel het geval is, is deze meestal herkenbaar als vrouwelijk of mannelijk. In boeken met dieren in de hoofdrol zijn de karakters veel vaker mannelijk dan in boeken met mensen in de hoofdrol. Regelmatig komt er in deze boeken helemaal geen vrouwelijk personage voor.

 

Andere personages
Andere p1001004006243772ersonages die vaak voorkomen zijn bijvoorbeeld volwassenen in verschillende beroepen. Veel voorkomende beroepen zijn onder andere die van docent, winkelmedewerker en Unknown-9politieagent. De invulling hiervan is vaak traditioneel. Politieagenten zijn meestal mannen, verpleegkundigen zijn vrouwen. Over het algemeen geldt dat er veel meer mannen, in veel meer beroepen, worden afgebeeld dan vrouwen. Verder komen er in de boeken vaak familieleden van de hoofdpersoon voor, zoals broertjes, zusjes, ouders en grootouders. Moeders komen in meer boeken voor dan vaders, en worden ook vaker genoemd of afgebeeld.

 

Rollen
In veel kinderboeken komen er vrij stereotype beelden naar voren. Moeders zijn verzorgend, vaders werken buitenshuis en meisjes en jongens hebben verschillende rollen. In de rollen van met name meisjes en jongens is de afgelopen jaren wel iets veranderd, maar bij volwassen personages komen nog veel stereotypen voor. Mannen die het huishouden doen zijn zeldzaam. Net als vrouwen met een baan buitenshuis. Dat wil niet zeggen dat ze er helemaal niet zijn: langzamerhand zien we meer wassende mannen, werkende vrouwen en meisjes met een hobby. Maar dit zijn nog uitzonderingen.

Unknown-2

Andere media
Stereotype beelden en een ongelijke verhouding tussen meisjes/vrouwen en jongens/mannen komen niet alleen in kinderboeken voor, maar ook in andere media, zoals films, tv, games en reclames. Uit onderzoek van het Geena Davis instituut, dat zich richt op de representatie van vrouwen en mannen in films, blijkt bijvoorbeeld dat vrouwen en meisjes veel minder voorkomen in films dan mannen en jongens. En degenen die wel in beeld komen, krijgen minder spreektijd. Daarnaast blijkt uit onderzoek naar familiefilms dat van de sprekende karakters in films die in een werkgerelateerde context worden getoond, ruim 80% mannelijk is (ter vergelijking: vrouwen vormen in de VS de helft van alle werkenden). Mannen zijn ook in veel meer verschillende soorten banen te zien dan vrouwen. Uit onderzoek van WOMEN Inc. blijkt ook dat de representatie van vrouwen en etnische minderheden in de media sterk achterblijft.

 

Wat zijn de gevolgen van stereotype beeldvorming? 
Waarom maken we ons hier eigenlijk überhaupt druk om? Kinderen willen gewoon een leuk verhaal lezen, en ze letten daarbij toch helemaal niet op dingen als stereotypen en rolpatronen?


carton-males-1321424__180

Nee, daar letten de meeste kinderen inderdaad niet op. Maar dat betekent niet dat ze het niet signaleren. En, voor een deel, internaliseren (Fine, 2010, ‘delusions of gender’). Het gaat deel uitmaken van hun beeld over hoe de wereld in elkaar zit. Ze denken er meestal niet bewust over na, maar vinden het vanzelfsprekend dat de beelden die ze steeds zien weergeven hoe het hoort. Dat beïnvloedt ook de keuzes die ze zelf maken en de onderwerpen waar ze interesse in tonen of juist niet, zoals de muziekinstrumenten die ze bespelen (Eros, 2008), de boeken die ze voor zichzelf en anderen selecteren (Chapman en collega’s, 2007) en het speelgoed dat ze uitkiezen (Martin en collega’s, 1995). Beeldvorming die steeds terugkomt beïnvloedt niet alleen het beeld dat mensen van anderen hebben, maar ook het beeld dat ze van zichzelf hebben, en de verwachtingen waaraan ze willen voldoen.

 

De ideale situatie

 

blij 2
En wat willen wij dan? Wat zou volgens ons de ideale situatie zijn? En wat willen we niet? Om met het laatste te beginnen: we willen geen sturende invloed uitoefenen op de keuzes die kinderen later maken met betrekking tot studie, zorg en huishouden. Maar we willen wel laten zien dat er veel meer mogelijk is dan ze nu vaak voorgeschoteld krijgen. We hopen dat ze, door andere voorbeelden te zien, het idee krijgen dat het niet vanzelfsprekend is dat vrouwen verantwoordelijk zijn voor het huishouden en mannen voor het inkomen. Dat jongens het leuk mogen vinden om met hun uiterlijk bezig te zijn, en dat het prima is als meisjes elke ochtend het eerste kledingstuk dat ze tegenkomen uit de kast trekken. Dat meisjes gefascineerd mogen zijn door programmeren, biologie of een sport, en dat ook mogen laten merken. Dat jongens lief mogen zijn en een baan als verpleegkundige of onderwijzer als een serieuze optie zien. Dat gezinnen niet altijd bestaan uit een moeder, vader en kinderen. Dat, en nog veel meer. We hopen dat kinderen zich vrij gaan voelen om dingen uit te proberen en om hun interesses te volgen, zonder zich daarbij te laten beperken door gendernormen.

Het zijn grote doelen. En we realiseren ons dat het vergroten van de variatie in rolpatronen in kinderboeken maar een deel van de oplossing is. Maar het is een begin.