Rolpatronen in recente kinderboeken: de stand van zaken

In veel verkochte en geleende kinderboeken (2015-2016) komen nog steeds veel stereotypen voor, blijkt uit onderzoek naar rolpatronen in kinderboeken (Sterre van Putten, Universiteit Leiden, 2017).

Een paar bevindingen die naar voren komen:

  • Er zijn veel meer mannelijke hoofdpersonen en overige figuren dan vrouwelijke.
  • Vrouwen en mannen (of meisjes en jongen) spelen deels verschillende rollen, waarbij bij vrouwelijke figuren meer nadruk op ‘pro-sociaal gedrag’ en uiterlijk wordt gelegd, terwijl bij mannelijke figuren fysieke kracht wordt benadrukt.
  • Mannen vervullen meer verschillende beroepen dan vrouwen, en de beroepen zijn vaak stereotype ingevuld, waarbij vrouwen meer ondersteunende beroepen uitoefenen en mannen (ook) leidinggevende posities.
  • Het huishouden is nog vooral een zaak van vrouwen, terwijl mannen klussen. Moeders worden voorgesteld als serieus en streng, terwijl vaders vaker de grappenmakers zijn.

Van Putten stelt dat kinderen door de beelden die ze steeds zien terugkomen conclusies kunnen trekken over de waarde van vrouwen en mannen (Wie is belangrijk? Wie is interessant?) en over gepaste en niet-gepaste activiteiten voor vrouwen en mannen. De keuzes die ze maken kunnen door de beelden die steeds terugkomen in kinderboeken worden beïnvloed. Tegelijkertijd stelt ze dat meer onderzoek nodig is naar de relatie tussen wat kinderen lezen in boeken en hoe ze zich gedragen.

Van Putten deed dit onderzoek in vervolg op eerder onderzoek door Zo-ook, naar veel geleende en verkochte boeken in 2012-2013. Ze concludeert dat er in de tussenliggende periode weinig veranderd is. Met het code-systeem dat ze ontwikkelt heeft, zou het onderzoek jaarlijks of tweejaarlijks herhaald kunnen worden, om trends en ontwikkelingen in kaart te brengen.

Debat Rolpatronen in kinderboeken

‘Je moet het forceren’

Op 2 maart vond in de leeszaal Rotterdam West het debat ‘’rolpatronen in kinderboeken’’ plaats, georganiseerd door stichting Zo-ook.

panellleden
Gespreksleider Karin Oppelland met panelleden Gígja Reynisdóttir (beeldend kunstenaar, Maakfabriek), Berna Toprak (redacteur beeldvorming WOMEN Inc.), Joyce Endendijk (Universiteit Utrecht), Jurhaily Sing (Emancipator), Henriëtte Prast (1e Kamer, Universiteit Tilburg), Liesbeth Mende (schrijfster van oa jeugdboeken) en Nasim Miradi (ROSE Stories).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De panelleden herkenden dat er nog veel stereotypen in kinderboeken voorkomen, net als in andere (kinder)media. Als oorzaken noemden ze onder andere dat iedereen, ook schrijvers en illustratoren, steeds met deze stereotypen geconfronteerd wordt, en ze vaak onbewust weer doorgeeft. Niet alleen in beelden, ook in taal komen veel impliciete veronderstellingen voor waaruit blijkt wat er verwacht wordt van vrouwen en mannen. Uit veel van die visuele en tekstuele beelden komt bovendien de indruk naar voren dat ‘het mannelijke’ over het algemeen hoger wordt gewaardeerd dan ‘het vrouwelijke’, hoe deze begrippen ook worden ingevuld.

IMG-20170303-WA0001

Maar wat is eigenlijk het probleem, als kinderen deze beelden steeds terugzien? Panelleden noemden onder andere dat kinderen (of jongeren, of volwassenen) zich daardoor niet volledig kunnen ontwikkelen, maar sterk beperkt worden door de genderkaders. En dat er op deze manier soms onwenselijk gedrag in stand wordt gehouden, doordat bijvoorbeeld jongens steeds aan elkaar moeten bewijzen hoe mannelijk ze wel niet zijn. En het probleem van de lagere waardering van vrouwelijk gedrag kan er onder andere toe leiden dat bepaalde vaardigheden onderschat worden, en niet interessant worden gevonden om te leren, terwijl die heel waardevol zijn.

De meeste panelleden waren het erover eens dat je soms dingen moet forceren; niet wachten totdat schrijvers andere verhalen gaan schrijven, uitgevers andere boeken gaan uitgeven of consumenten om andere boeken gaan vragen, maar er gewoon zelf mee beginnen, door zelf boeken uit te geven, of door bijvoorbeeld op school in discussie te gaan over het boekenaanbod. Een andere optie die genoemd werd is laten zien wat het voor bedrijven op kan leveren om meer diversiteit te laten zien, bijvoorbeeld in hun marktaandeel.

Hoe ziet een wetenschapper eruit?


Uit recent onderzoek blijkt dat vrouwen nog steeds ondervertegenwoordigd zijn in lesmateriaal voor basisscholen; ongeveer 75% van de afgebeelde figuren was mannelijk.

wetenschapper wetenschapper2

wetenschapper10

 

 

 

 

Daarnaast worden vrouwen en mannen vaak in verschillende rollen afgebeeld: vrouwen vooral als docent, mannen als wetenschapper/ onderzoeker. Deze scheve verhouding geldt vooral voor volwassenen; meisjes en jongens worden in het onderzochte schoolmateriaal (de Engelstalige documenten van de websites van Scientix en OERcommons) ongeveer even vaak afgebeeld, en in vergelijkbare rollen. De onderzoekers concluderen dat een meer gebalanceerde verdeling bij de volwassen figuren nodig is, om meisjes en jongens te helpen beslissingen te nemen over studie en werk zonder daarbij te worden beperkt door genderstereotypen.

De bevindingen komen overeen met wat wij in ons onderzoek naar kinderboeken vonden: met name volwassenen worden stereotype gerepresenteerd.

Als je wilt zien hoe wetenschappers worden gerepresenteerd; zoek op internet bij ‘afbeeldingen’ eens op ‘illustratie wetenschapper’. Allemaal illustraties van (oudere) witte mannen. Af en toe is er ergens een vrouw te zien. Niet-witte personen zijn al helemaal onvindbaar.

Maar er is ook een ander beeld denkbaar. Zie bijvoorbeeld de mooie tekeningen van wetenschapsters die Dienke Groenhout maakte met de maakfabriek. Daar willen we graag meer van zien!

 

‘You can’t be what you can’t see’

hoogleraren in rij

Gloria Wekker, hoogleraar gender en etniciteit in Utrecht, zegt in een interview in De Volkskrant het volgende:

‘Ik heb mijn promotieonderzoek in de Verenigde Staten gedaan. Daar kreeg ik voor het eerst les van zwarte, vrouwelijke hoogleraren. Dat was een eyeopener. Wauw, dacht ik: dat zou ik dus ook kunnen worden. Dat rolmodel wordt veel Nederlandse studenten onthouden.’

Een mooie persoonlijke ervaring die precies weergeeft waar het om gaat. ‘You can’t be what you can’t see’. Of, positiever geformuleerd, ‘you can be what you can see’. Rolmodellen zijn belangrijk. Dat hoeven niet perse ‘echte’ personen te zijn; ook personages in boeken, films en tv-series hebben invloed.

images-1

Uit onderzoek van het Geena Davis Institute blijkt hoe het zien van rolmodellen in films invloed kan hebben op gedrag. In 2012 verdubbelde het percentage meisjes in de Verenigde Staten dat deelnam aan boogschietcompetities. Het vermoeden was dat dit werd beïnvloed door populaire films, zoals The hunger games en Brave. In onderzoek onder boogschieters werd deze hypothese bevestigd. Ongeveer 70% van de meisjes gaf aan bij de beslissing om te gaan boogschieten geïnspireerd te zijn door Katniss uit The hunger games en/of princes Merida uit Brave. Ook voor jongens bleken karakters uit films vaak een inspiratiebron te zijn. Meisjes noemden vaak vooral meisjes en vrouwen als rolmodel, terwijl jongens met name jongens en mannen noemden.

billy

Dat een rolmodel veel invloed kan hebben, werd ook duidelijk na het uitkomen van de film Billy Elliot, over een jongen die tegen de zin van zijn vader naar een balletschool gaat. In de jaren na het uitkomen van de film was er een grote toename te zien in het aantal jongens dat zich aanmeldde voor balletlessen, en het aantal dat werd aangenomen bij de Royal Ballet School; het ‘Billy Elliot effect‘. Veel jongens noemden Billy Elliot ook als directe aanleiding om zich aan te melden.

Rolmodellen in films kunnen dus duidelijk invloed hebben op het gedrag en de keuzes van kinderen. Dat geldt ook voor boeken en games. En voor vrouwen en mannen die bepaalde beroepen uitoefenen of activiteiten verrichten, zoals de hoogleraar uit het voorbeeld waarmee deze tekst begint. Om kinderen de kans te geven te ontdekken waar hun interesses liggen en hun talenten te ontwikkelen, is er meer diversiteit in rolmodellen nodig. Bijvoorbeeld in boeken met niet-stereotype rolmodellen.

ontbillenbijt2
Milja Praagman, ‘ontbillenbijt’, 2016

 

 

 

Impliciete diversiteit

Stichting Cavaria heeft een ‘divers kinderboek’ uitgebracht: Lou op weg naar school.

9170ba38-8412-11e6-84cf-b8caea380e14 93f52e10-8412-11e6-84cf-b8caea380e14

 

Het boek is helaas nog niet (in Nederland) verkrijgbaar, maar heeft hetzelfde uitgangspunt als zo-ook: diversiteit op een impliciete manier in kinderboeken verwerken.

Nog een paar weken wachten, dan kunnen we het lezen. We zijn heel benieuwd!

Oervrouwen

Ik kocht pas het megagrote uitklapboek Natuurlijke geschiedenis. Leuk, een boek met dieren, mensen en de ontwikkeling daarin in de evolutie. Maar toen ik wat beter keek viel me op dat het wel een heel mannelijke evolutie was.

natuurlijke geschiedenis 2
Mannelijke aap wordt mannelijke mens
natuurlijke geschiedenis 4
Mannelijke jagers
natuurlijke geschiedenis 3
En mannelijke geitenhoeders, mijnwerkers, metaalsmeden, zwijnenhoeders, boeren, kameelrijders, ploegers.

De tekeningen worden niet alleen gedomineerd door mannen; vrouwen zijn compleet afwezig. Er worden zelfs geen vrouwen afgebeeld die ‘traditionele vrouwentaken’ verrichten (die overigens helemaal niet zo ‘traditioneel vrouwelijk’ lijken te zijn), zoals voor de kinderen zorgen, bessen verzamelen of koken.

Toen ik wat beter keek, bleek het bij de dieren niet veel anders te zijn. In de teksten wordt steeds gesproken over ‘hij’ en ‘hem’, als het over de dieren gaat. En als het verschil tussen vrouwelijke en mannelijke dieren zichtbaar is voor mensen, zoals bij leeuwen, wordt het mannelijke dier afgebeeld.
natuurlijke geschiedenis 2

In de meeste andere boeken is dat niet anders. Dieren zijn meestal mannelijk, tenzij dat onmogelijk is (omdat ze bijvoorbeeld zwanger zijn), of als ze zorgen voor de kinderen. Als het om een gevaarlijk dier gaat, of een dier dat aan het jagen is, is het vrijwel nooit een vrouwelijk dier. En oermensen zijn eigenlijk altijd oermannen. Zie ook bijvoorbeeld Een heel kleine geschiedenis van bijna alles van Bill Bryson. Daar zie je de ontwikkeling van de oermens tot de moderne mens. Pardon, ik bedoel de oerman tot de moderne man.
Scan 59 Scan 58Scan 62

 

 

 

 

In de tekst wordt overigens wel een nuancering gemaakt. ‘Zo’n anderhalf miljoen jaar geleden deed een vergeten genie uit de hominidenwereld iets heel onverwachts. Hij (het kan ook heel goed een zij zijn geweest) nam een steen en gebruikte die om voorzichtig een andere steen scherp te slijpen.’

En gelukkig zijn vrouwen ook in de afbeeldingen niet helemaal afwezig. Kijk, daar is Lucy met haar kleine. Ze wordt belaagd door sabeltandtijgers!

Scan 63

Hopelijk zijn er mannen in de buurt om haar te redden. O, nee, die zijn net bezig een gevaarlijke beer weg te jagen bij een andere vrouw. Lucy is reddeloos verloren…

Scan 61

En zo werd besloten dat de vrouwen voortaan maar beter in de grot konden blijven.

 

 

‘Gaat het wel met je, lieverd?’

Wat heerlijk moet dat zijn. Je loopt samen met je zoon naar huis, in je jas die onder gepoept is door meeuwen. Al voordat je de sleutel in het slot kunt steken, wordt de deur opengedaan door je allerliefste, altijd vrolijke vrouw. ‘Geef mij die jas maar’, roept ze uit, terwijl ze al naar de wasmachine loopt en nog even bezorgd naar je omkijkt. Jij gaat intussen bij de verwarming zitten met een krant en een biertje.

Ik teken ervoor. Maar helaas, als ik met een vieze jas thuiskom, moet ik ‘m zelf in de wasmachine doen. En ik krijg nooit pantoffels en een biertje bij de verwarming. Zou het dan toch allemaal jaloezie zijn, waardoor ik moeite heb met de rolpatronen in het boek De Gorgels van Jochem Meyer?

Continue Reading

De verschijntruc van de taal

‘Gaat de ontsteking niet binnen drie dagen vanzelf over? Ga dan naar de huisarts. Zij kan antibiotica geven om de ontsteking tegen te gaan. […]. 

Zijn de klachten hardnekkig? Dan krijgt u een verwijzing naar een keel-, neus- en oorarts. Zij kan bijvoorbeeld de trommelvliezen doorprikken of trommelvliesbuisjes plaatsen.’

Dit stukje komt uit een tekst van de website van Medisch Centrum Haaglanden. Behoorlijk revolutionair, vind ik.

Continue Reading

Genderneutraal voornaamwoord

koreaansRolpatronen in kinderboeken’

Deze week sprak ik een Koreaanse kinderboekenschrijfster, Kyung Hye. Zij vertelde dat een aantal van haar boeken vertaald worden in het Frans, Duits en Engels. Daarbij ontstond er voor haar een lastige situatie. Veel van de karakters in haar boeken zijn dieren of voorwerpen. Deze spreek je in het Koreaans niet aan met zij of hij, maar met een onzijdige vorm, vergelijkbaar met het Engelse ‘it’ voor dieren.

Continue Reading